We gingen even gezellig de stad in. Een klein, knus terrasje, een ontbijtje, het zonnetje erbij… het voelde ontspannen. Om ons heen gebeurde van alles. Ondanks het vroege tijdstip was het al behoorlijk druk. Mensen liepen gehaast of juist kalm, jong en oud door elkaar. Er viel genoeg te zien.
Genieten van de stad en de mensen om je heen
Zoveel verschillende mensen. Heerlijk om er zo naar te kijken. Naar die jongen die indruk probeert te maken op het meisje naast hem. Naar de mopperende oude vrouw, die ingehaald wordt door een fietser. En de vrouw die op het terras rustig een tijdschrift leest en geniet van haar koffie, die de neiging voelt om over koetjes en kalfjes te moeten praten met diegene die op de vrije stoel naast haar gaat zitten.
En dan… die rothondjes
We struinen langs wat winkels en bezoeken ook wat kraampjes, want er is markt. Mijn oma kon het als de beste, slenteren. Urenlang. Wat vond ze dat heerlijk. Lekker shoppen ‘met de meiden’. Met haar dochter en kleindochters. Zelf vond ik het prima, als het maar niet te lang duurde.
Als we door de volgende straat lopen, komt de geur van versgebakken poffertjes ons tegemoet. En dat van loempia’s en stroopwafels. De poffertjes winnen. Manlief bestelt een portie om te delen. Hij komt teruggelopen en…
“Die rothondjes! Echt… het liefst laat ik ze nu allemaal nog verdwijnen”.
Hij snapt er even helemaal niks van. Wat was er gebeurd?
“Ja, die rothondjes! Wat een herrie! Wie wordt daar nu blij van? En daar kun je zelf toch ook niet een hele dag naar luisteren?”
Ik kreeg de reactie: “waar heb je het over, welke hondjes?”
Mijn ongeloof was groot. Hoe kon hij dat nu gemist hebben. Hij stond er ook vlakbij.
Als je me kent, dan weet je dat ik een echte hondenfan ben. En dan kun je je helemaal afvragen waarom ik het opeens over ‘rothondjes’ heb. Het ging over kleine, zogenaamd schattige, witte, keffende hondjes… op batterijen! Aan een riempje, met daarop een knopje om ze te laten keffen. Ver-schrik-ke-lijk!
Ik snapte niet dat het anderen niet opviel. Dat zelfs de verkoper ernaast stond alsof er geen geluid uit kwam. En mij irriteerde het verschrikkelijk.
Toen viel bij mij het kwartje. Een drukke week, ander eten, koffie met cafeïne, overal en continu mensen om me heen, drukke winkels, allerlei soorten muziek door elkaar, straatmuzikanten, flitsende reclameborden, geuren van voedsel, gesprekken… Ik kan er van genieten, maar het zijn tegelijk ook prikkels die opstapelen. En de keffende hondjes waren even teveel.
Het is precies hoe het werkt als je hoogsensitief bent. Je kunt van alles genieten, maar je batterij raakt ook sneller leeg. En dat voel je soms pas op het moment dat het al even te veel is.
Even opladen maakt het verschil
Wat mij hielp? Gewoon even ergens rustig gaan zitten, wat drinken, ademen, en opladen. Geen groot moment, geen ingewikkelde techniek. Gewoon even bewust een pauze. Daarna konden we weer verder.
Kleine tip: check regelmatig bij je kind (en jezelf)
Als je hoogsensitief bent, pik je meer prikkels op dan anderen en verwerk je die ook dieper. Dat is geen aanname, maar een feit. Daarom is het belangrijk om niet te wachten tot je ‘vol’ zit, maar tussendoor al te voelen: hoe gaat het eigenlijk?
Stel jezelf of je kind af en toe de simpele vraag: “Hoe voel ik me nu?”
Is het antwoord: onrustig, moe, snel geïrriteerd of afgeleid? Dan is het tijd voor een pauzemoment. Even zitten, diep ademhalen, een rustige plek opzoeken. Soms is vijf minuten al genoeg om weer op te laden.
Gevoeligheid is een kracht als je goed voor jezelf zorgt
Hoogsensitief zijn is een eigenschap die veel moois brengt, maar het vraagt wel wat aandacht. Juist door goed naar jezelf te luisteren, voorkom je dat kleine dingen te groot worden.
Die hondjes? Die staan er vast nog steeds. Maar met een opgeladen batterij kon ik er daarna om lachen.